Verhalen uit de Grote Koppel
Dit jaar zijn we gestart met de renovatie van woongebouw de Grote Koppel in Zeist. Het gebouw en alle appartementen worden volledig gerenoveerd en klaargemaakt voor de toekomst.
Tijdens dit project saneren we asbest, worden alle aluminium schuifpuien vervangen, nieuwe radiatoren geplaatst en passen we de mechanische ventilatie aan. Daarnaast worden alle galerijhekwerken vervangen, brengen we nieuwe vloerafwerkingen aan en voeren we groot onderhoud uit, waaronder schilderwerk. Zo zorgen we ervoor dat de Grote Koppel weer jarenlang comfortabel, veilig en duurzaam bewoond kan worden.
Maar renoveren gaat niet alleen om het gebouw. Het draait vooral om de mensen die er wonen. Daarom delen we graag de verhalen van bewoners die de werkzaamheden van dichtbij meemaken en vertellen hoe zij deze periode ervaren. Hieronder lees je de ervaringen van Toos, Ank en Sylvia.
Toos (86): “Ik vond het eigenlijk wel gezellig, die mannen over de vloer.”
Toos woont al twintig jaar met veel plezier in de Grote Koppel, in Zeist. Ze zit hier helemaal op haar plek. Stilzitten is dan ook niets voor haar: elke donderdag staat ze klaar in het Trefpunt voor de koffiedienst. Samen met andere bewoners zorgt ze voor een kop koffie, iets lekkers en vooral een gezellig praatje. “Dat vind ik het leukste. Even aandacht voor elkaar.” Vroeger draaide ze zelfs twee dagen per week koffiedienst, maar door haar knie is dat nu alleen nog op donderdag. Opgeven? Daar denkt ze niet aan. “Ik wil die donderdag echt niet missen.”
Half april werd haar woning gerenoveerd. Het was nog koud, dus tijdens het vervangen van de pui, moest die kachel zeker aan. Met hulp van haar dochter en de huishoudelijke hulp was haar woning snel klaargemaakt voor alle werkzaamheden. Overlast heeft ze nauwelijks ervaren. Integendeel. “Ik vond het eigenlijk wel gezellig, die mannen over de vloer.” Ze herinnert zich vooral hoe aardig en behulpzaam iedereen was. Binnen vier dagen was de renovatie afgerond en kon haar dochter de maandag erna alles weer op orde brengen, in haar appartement.
Ook van de werkzaamheden in de omliggende woningen heeft Toos weinig last. “Het hoort erbij. En die geluiden… die hoor je na een tijdje gewoon niet meer. Ik luister er niet eens meer naar.” Voor Toos is het duidelijk: met een beetje aanpassing en de juiste mensen om je heen blijft het gewoon prettig wonen.


Sylvia (73): “Het zijn maar vieren dagen hè, dat overleef ik wel!”
Sylvia woont bijna elf jaar in de Grote Koppel Zeist en voelt zich er helemaal thuis. Twee keer per week staat ze ’s ochtends vroeg in het Trefpunt. Op woensdag en vrijdag zorgt ze voor de koffiedienst: voorbereiden om 09.00 uur, en vanaf 10.00 uur de bewoners ontvangen. “Ik heb altijd in de zorg gewerkt,” vertelt ze. “En zo kan ik toch nog iets voor anderen betekenen.”
Met plezier, maar ook met een duidelijke grens. “Het moet wel leuk blijven,” zegt ze nuchter. “We doen dit vrijwillig, dus we moeten het samen doen.” Sylvia weet hoe belangrijk die gezamenlijke momenten zijn. In het complex staat ze bekend als de spil van de koffiediensten. Zonder haar, zeggen medebewoners, zou het een stuk stiller worden.
Waar anderen misschien opzien tegen de renovatie, kijkt Sylvia er juist nuchter naar. Begin juli is haar appartement aan de beurt en ze is er helemaal klaar voor. “Kom maar op, ik ben er wel aan toe.” Ze heeft de werkzaamheden al bij buren gezien en weet wat ze kan verwachten. Spannend vindt ze het niet. “Het zijn maar vier dagen hè, dat overleef ik wel!”
Sterker nog, ze kijkt ook uit naar het moment dat alles afgerond is. “Dat geeft rust in het gebouw. Vooral voor de andere bewoners.” Haar woning is al opgeruimd en voorbereid. En met haar volle agenda aan activiteiten maakt ze zich geen zorgen over die paar dagen werk in huis.
Ank (83): “Ik heb daar totaal geen overlast aan gehad.”
Ank woont nu vierenhalf jaar in de Grote Koppel te Zeist. In het begin moest ze even wennen aan het leven in een woningcomplex. “Ik was altijd gewend om mijn eigen ding te doen,” vertelt ze. “Dat gemeenschapsleven sprak me niet meteen aan.”
Toch veranderde dat langzaam. Door steeds meer bewoners te ontmoeten, begon ze zich er steeds meer thuis te voelen. Inmiddels draait ze elke dinsdagochtend mee met de koffiedienst in het Trefpunt. “Het is gewoon gezellig. Even bijpraten, een praatje maken en daarna heb ik nog genoeg tijd voor mezelf.”
Net voor Pinksteren werd haar appartement gerenoveerd. De voorbereidingen begonnen op de vrijdag van het Pinksterweekend. “Richard, uitvoerder bij Caspar de Haan, zei nog: je hebt wel een beetje pech met de planning,” lacht Ank. “Maar dat maakte mij echt niets uit.” De renovatie zelf ervaarde ze als prettig en soepel. Binnen een week waren de werkzaamheden afgerond. “Ik heb daar totaal geen overlast aan gehad. Iedereen was vriendelijk en ze werkten keihard.”
Ze is vooral blij met haar nieuwe schuifpui. “Het geeft zoveel licht. En in de zomer komt er zo’n lekker briesje binnen.” Haar balkon, aan de rustigere ochtendkant, is nu een fijne plek om te ontbijten en de dag te beginnen. Alleen de vensterbanken laten nog even op zich wachten. Door een vertraagde levering moet Ank daar iets langer geduld voor hebben. “Dat vind ik niet erg hoor, alleen ik kan nu nog geen nieuw tv-meubel uitzoeken,” zegt ze nuchter. “Dat is het enige wat ik een beetje vervelend vind.” Toch voelt ze zich zeker niet vergeten. Richard hield haar goed op de hoogte en heeft beloofd dat zij als eerste aan de beurt is, zodra de materialen binnen zijn.
Toen ze hoorde dat Caspar de Haan aan de slag ging in het gebouw, grapte ze meteen: “Haha, en dat bij al die kippen!” Een knipoog naar de levendige ochtenden in het Trefpunt, waar Ank inmiddels helemaal haar plek heeft gevonden.



















